Door Arnold de Boer op 28 oktober 2015

Rode Salon 8/2015

Waarde partijgenoten,

als de herfstbladeren beginnen te vallen weet u natuurlijk wat dat betekent: de halve marathon van Brussel! Bijkans het halve bestuur van PvdA Brussel haalde zondag 4 oktober de loopschoenen uit het spreekwoordelijke vet (schaatsen komt er immers niet van) en volbracht de ruim 21 kilometers over de Brusselse heuvels en kasseien in recordtijd, althans in sommige gevallen.

Maar dat terzijde. Hoe (ver)loopt uw herfst? De zorgeloze stranden waarover onze voorzitter laatst sprak zijn in mijn herinnering alweer bijna vervaagd en de grote politieke thema’s hebben zich opgestapeld, dat zal u niet ontgaan zijn. In Syrië wordt de chaos enkel groter, waar met de versplinterde maar geweldrijke inmenging van de internationale gemeenschap een nieuw hoofdstuk is toegevoegd aan de beschamende vertoning van buitenlandse militaire bemoeienis in het Midden-Oosten. Je zou zeggen dat de urgentie om het probleem op te lossen nooit zo hoog is geweest.

Over Russen gesproken: het MH17-rapport bevestigde wat we al wisten, helaas niet enkel het feit dat de raket vanuit rebellengebied werd afgeschoten, maar ook dat een dergelijke ‘waarheid’ in de internationale politiek nauwelijks meer waarde heeft, als die door desinformatie structureel op losse schroeven komt te staan. Leve de postmoderniteit.

En er is natuurlijk altijd nog Griekenland.

Maar het meest spraakmakende onderwerp op dit moment is ontegenzeglijk de vluchtelingencrisis (hoewel we volgens PICUM toch weer beter kunnen spreken van migranten). U heeft ongetwijfeld de verhitte debatten in de EU gevolgd over de verdeelquota, wat over cijfers ging die inmiddels bijna lachwekkend lijken in het licht van de zich steeds duidelijker aftekenende aantallen vluchtelingen die deze kant op komen. Het leidde tot een scherpe clash tussen onder meer West- en Oost-Europese landen, een fenomeen dat overigens met de stellingname ten aanzien van Rusland en verschillende standpunten in het debat over klimaatverandering zorgwekkende vormen begint aan te nemen.

De crisis houdt aan en wordt grimmiger. Het was al even aan de gang maar Schengen en het vrije verkeer van personen staan als principes definitief op losse schroeven. In het vluchtelingendebat werd ook in Nederland met scherp geschoten, en helaas inmiddels bijna letterlijk. Het is verbijsterend om te zien hoe radicaal, on-Nederlands, het verzet tegen de nieuwkomers zich uit bij het georganiseerd bestormen van een noodpopvang door mannen met bivakmutsen. Maar het verharde klimaat wordt gevoed door onze rechtse coalitiegenoten, die niet schromen om zelfs vanuit de regering populistische (en bovendien onjuiste) standpunten te ventileren, zoals minister Kamp vorige week zondag in Buitenhof, die vluchtelingen ‘niet goed voor de economie’ noemde.

Waarom spreekt een landsminister zo naar de kleuren van zijn partij? Waarom laten we dat over onze kant gaan?

Ik las Bas Heijnes column in NRC, waarin hij stelt dat er onder al die uitvergrote haat en verontwaardiging misschien wel meer consensus zit dan we denken of willen toegeven. En tijdens het Kamerdebat op 14 oktober erkende ook Samsom dit terecht, ‘als een complexe werkelijkheid waar we allemaal mee worstelen’. De weerstand tegen de komst van asielzoekers in een klein dorp als Oranje heeft waarschijnlijk meer te maken met een diep misnoegen over valse beloftes van de politiek en de inmiddels gewortelde angst dat de eigen identiteit bedreigd wordt, dan met werkelijk diepe ideologische motieven.

Maar het is juist in tijden van gespeelde opstand en complexe vraagstukken de taak van politieke partijen om met heldere standpunten leiding te geven en de bevolking aan de hand te nemen. Voor een sociaal-democratische partij is het bovendien helemaal geen schande om te zeggen dat er uiteindelijk altijd grenzen zitten aan de hoeveelheid mensen die we kunnen opnemen, en de mogelijkheden om iedere vluchteling maar direct aan een baan te helpen. Maar dat is het punt niet: eerst moeten er mensen geholpen worden.

Frank Ankersmit, emeritus hoogleraar theoretische en intellectuele geschiedenis en oud-VVD-ghostwriter maakte in de Volkskrant een onderscheid tussen de private en publieke ethiek: de private ethiek aanduidend dat een ieder individueel barmhartig moet handelen, maar de publieke ethiek inhoudend dat de staat alle belangen dient af te wegen en de kosten moet beheersen. Een fascinerend onderscheid natuurlijk, kenmerkend voor de liberalen, maar verder volstrekt kunstmatig, waar de PvdA best op zou kunnen inspringen.

Laat ze verdomd helder maken dat wij een open samenleving hebben waar we ook als staat eerst de mensen helpen die dat nodig hebben, en die vaart op de kracht van absorptie. Een minister van Economische Zaken die beweert dat vluchtelingen niet goed zijn voor de economie is het niet waard minister genoemd te worden. Halbe Zijlstra, leider van de grootste partij, die asielzoekers een bedreiging voor de welvaart noemt en misleidende opmerkingen maakt over de ‘privileges’ van vluchtelingen kan niet genoeg bevochten worden op zijn gebrek aan verantwoordelijkheid voor de medemens en voor de kalmte in de samenleving.

Waar, als het gaat om de integratie van vluchtelingen, is op zo’n moment het overigens onuitstaanbare optimisme van Mark Rutte gebleven?

Intussen heeft de politieke realiteit de retoriek alweer ingehaald. Er is in Den Haag opnieuw een compromis gesloten, en plotseling blijkt Samsom vóór “sobere maar rechtvaardige opvang”. Sober, verwijzend naar de VVD-retoriek, en rechtvaardig, het PvdA-stokpaard. Met dien verstande, helaas, dat rechtvaardig hier kennelijk betekent dat er soberder opvang plaatsvindt: kleinere toelagen, geen voorrang meer op de sociale woningmarkt. En dan te bedenken dat een grote aantallen van de asielzoekers in Neerlands centra met psychosomatische en psychische klachten rondloopt, wat naast de traumatische ervaringen vooral het gevolg is van – u raadt het al – sobere en uitzichtloze omstandigheden in de opvang. Dit is bovendien compleet tegenstrijdig met effectief terugkeerbeleid, dat, zo is al vaak bewezen, juist beter werkt wanneer de opvang goed is en er perspectief wordt geboden op een ‘waardige’ terugkeer in het geval iemand uitgeprocedeerd is. De vraag moet dan ook zijn: wat wil de coalitie precies met dit beleid bereiken? Met D66 zou de PvdA moeten inzetten op een positieve benadering en snelle (hoewel moeilijke) integratie in de samenleving en de arbeidsmarkt.

Gelukkig zijn er te midden van alle grenzen dicht-bewegingen ook lichtpuntjes: sociaaldemocraten in Wenen bijvoorbeeld winnen de lokale verkiezingen, op basis van een uitgesproken pro-vluchtelingencampagne. Daar putten we dan maar hoop uit. Hoop die wellicht ook geboden kan worden door de naderende COP 21 klimaatconferentie in Parijs, waar misschien wel de meest ambitieuze afspraken ooit gemaakt gaan worden. Houdt in dit verband ook uw communicatiemiddelen in de gaten: zeer binnenkort komt de afdeling met een nieuw high level evenement, gebaseerd op het succes van ons migratiedebat, waarin we op zoek gaan naar progressieve waarden die hun schaduw vooruit moeten werpen op politieke actie voor een sterk klimaatakkoord.

Naast dit COP evenement dat hopelijk begin december door kan gaan, biedt de afdeling voor de kerst nog een rijk gevulde agenda. Op 11 november zal een politiek café plaatsvinden met Hans Spekman en de Eurodelegatie, waar we tevens het Holland House zullen lanceren dat we voor langswaaiende PvdA’ers uit Nederland oprichten tijdens het Nederlands voorzitterschap van de EU in 2016. Verder is er binnenkort de Internationale politieke ledenraad, en zullen we ons onder meer moeten bezinnen op een strategie rond het naderende hoogtepunt van de democratie, parel van de moderne directe volksvertegenwoordiging: het referendum over het Associatieverdrag met Oekraïne.

Vindt u het niet genoeg? Dan is er altijd nog Griekenland.

Een warme herfst gewenst.

Namens het bestuur,

Arnold de Boer, Secretaris

Voor alle evenementen is er onze goedgevulde agenda: brussel.pvda.nl/agenda